(Adj.) Roodachtig; blozend; rossig teint rooskleurig De boer kwam uit jaren van arbeid in de wind, regen en zon.
Libisema: 2
TALG
(N.) Een vette, wasachtige dier stof die wordt gebruikt om kaarsen van de man-talk gekleurd gezicht zag eruit alsof het nooit de zon had gezien te maken.
Libisema: 3
Troosteloos
(Adj.) Hopeloos ongelukkig; ontroostbaar Samantha was volkomen ontroostbaar na haar geliefde hond is overleden.
Libisema: 4
GALG
(N.) Een houten frame waarop veroordeelde mensen worden uitgevoerd door opknoping De hongerige jongen weigerde om de criminaliteit aan te zetten uit vrees voor de galg.